DURF!

Ze zeggen ik ben een Johanneskind,
ik arme ik weet er niet van,
toch steek ik de brand in het hout dat het vuur
mij laai, ter eer van Sint Jan.

Gespelen komt aan, en dapper gedaan,
zo moedig als ieder dat kan,
gedanst zij de dans bij het woedende vuur,
de dans ter eer van Sint Jan.

In ’t ronde gezwaaid en ommegegaan,
en weg weer wilder en dan
terug weer en weg, en meer hout op het vuur;
gezongen ter eer van Sint Jan.

Ze zeggen ik ben een Johanneskind,
ik weet er nog altijd niet van,
maar lief is mij altijd het feest om het vuur,
dat laait ter eer van Sint Jan.

----------

Op de avond van St. Jan (24 juni)  kwamen vroeger buurtgenoten bij elkaar en maakten met zijn allen een groot vuur. Men zong en danste en de moedigsten sprongen over het vuur heen. 

Als een jongen en een meisje hand in hand over het vuur sprongen, was hun band voor eeuwig verzegeld. Volgens een ooggetuige uit 1606 werd er gedanst en zong men 'ijdellicke liedekens'. Wist de vrouw een man te strikken dan werd deze 'mijn Sint Jan' genoemd. 

Van Sint Jan wordt, net als bij Maria, de geboortedag herdacht en niet het sterven. Sint Jan wordt dan ook gezien als het begin van een nieuwe periode in het jaar. Ook de natuur verandert. 'Met Sint Jan draait het blad zich om' is het gezegde. Sint Jan markeert een overgangsperiode.

Praetorius speelt rondom de geboortedag van Johannes de Doper een concertprogramma dat de titel 'DURF' draagt. Twintigtal blokfluitisten brengen onder leiding van Norbert Kunst renaissancemuziek naar voren van onder meer Luyton, Schuyt, Sweelinck en Rosenmuller. Zij gebruiken daarvoor blokfluiten die naar renaissancevoorbeeld gemaakt zijn. Zo sluiten de oude en nieuwe invulling van het Sint Jansfeest naadloos op elkaar aan, wat leidt tot een intens, vreugdevol en gedurfd concert!

Terug naar programma's