De Schilderijententoonstelling

Waarom componeerde Moessorgski dit stuk? Daarvoor moeten we terug naar 1873, toen een goede vriend van hem plotseling overleed op jonge leeftijd.
Kunst zonder Westerse invloeden, een expositie van pure Russische kunst; dat stond de vrienden van de Russische schilder en beeldhouwer Viktor Hartmann voor ogen toen zij als eerbetoon na zijn dood een tentoonstelling van zijn schilderijen samenstelden. Modest Moessorgski was een van die vrienden, en de expositie inspireerde hem tot het componeren van wat later zijn bekendste werk werd: ‘De Schilderijententoonstelling – herinneringen aan Viktor Hartmann’ uit 1874.
De schilderijen van Hartmann zelf zijn helaas niet bewaard gebleven. Wel zijn er enkele schetsen en werken van hem overgeleverd. Net als Moessorgski was Gartman – zoals zijn naam in het Russisch luidt – beïnvloed door de ideeën van de slavofielen destijds in Rusland. Het oude Moskovische en Kievse Rijk werd geïdealiseerd, net als de oude tradities en folklore en het geloof van de ‘Oudgelovigen’, een stroming die vasthield aan het oude geloof vóór het schisma in de orthodoxe kerk. Tegelijkertijd zag Moessorgski het Russische volk als statisch, immobiel en triest. Hij schreef aan een vriend: 'Papier, boeken, die maken de vooruitgang, maar het volk is geen stap opgeschoten'* Deze zienswijze die contrasteerde met het vooruitgangsgeloof van de ‘westerlingen’, die de modernisering van de Russische staat, ingezet door Peter de Grote, wilden voortzetten.
Met zijn vrienden Balakirev, Rimski-Korsakov, Cui en Borodin vormde Moessorgski ‘De Vijf’, componisten die bekend stonden om hun romantisch nationalisme. Zij wilden typisch Russische klassieke muziek maken, in plaats van imitaties van de Europese traditie. ‘De Vijf’ stonden onder invloed van de bekende Russische criticus en ‘kunstontdekker’ Stasov, die ook de schilder Repin en zijn kring steunde.
Het zijn vooral de bewerkingen en orkestratie van Moessorgski's werk (naast dit werk ook bijvoorbeeld de opera Boris Godoenov) door zijn vriend Rimski-Korsakov die zijn muziek minder melancholieus en 'slavofiel' en meer 'progressief' en zogezegd optimistischer hebben gemaakt.

In de Schilderijententoonstelling zijn deze oud-Russische en folkloristische motieven goed te herkennen, bijvoorbeeld in het schilderij 'Baba Jaga', de Russische heks in haar hut op kippepootjes die ieder Russisch kind door de eeuwen heen de stuipen op het lijf heeft gejaagd. Ook in het slotstuk 'De grote poort van Kiev', ook wel 'de heldenpoort van Kiev' keert het terug. De bogatyr, de held/strijder, kwam voor in Russische oude verhalen. Tegelijkertijd bevat het werk ook 'Europese' motieven. Waarschijnlijk waren sommige van Hartmanns schilderijen geïnspireerd op zijn reizen naar Italië en Frankrijk, zoals bijvoorbeeld het schilderij Limoges, waar je op de markt in dit Franse stadjes de wijven hoort kijven.
Leuk detail is dat Moessorgski het overbekende thema van de promenades - de stukken waarin je van schilderij naar schilderij 'wandelt' - gebaseerd heeft op zijn eigen fysionomie, ofwel zijn loopje, zoals hij aan de kunstcriticus Stasov schreef.

Het werk is oorspronkelijk gecomponeerd voor piano, en later vele malen bewerkt. Een van de bekendste is de orkestratie van Ravel uit 1922, die de mysterieuze en vaak brutale harmonieën een meer ‘Gallisch’ tintje gaf, onder andere door het vele gebruik van saxofoons en de lichte strijkersklank.
Praetorius speelt het stuk in een arrangement van Jaap Wiebes met eigen instrumentatie.

(* bron: Orlando Figes - Natasha's Dance, a cultural history of Russia)


Terug naar Homepage Praetorius.